dinsdag 7 september 2010

Onderzoeksverslag Inzet ELO in het VO

Uit het SLO-onderzoeksverslag Inzet van de electronische leeromgeving in het voortgezet onderwijs  is gebleken dat de elektronische leeromgeving (ELO) in meer dan de helft van de scholen in het voortgezet onderwijs wordt gebruikt. Scholen kiezen voor een ELO om het onderwijs flexibeler en aantrekkelijker te maken. Echter, wanneer gekeken wordt naar het daadwerkelijke gebruik blijkt dit voor het grootste deel van de scholen nog zeer beperkt. Docenten maken met name gebruik van de organisatorische mogelijkheden. Op het gebied van leerinhouden, evaluatie, communicatie en differentiatie is het een minderheid die de mogelijkheden van de ELO weet te benutten. De ELO als verzamelinstrument van internettools, speciaal geschikt gemaakt voor onderwijs zal verder worden doorontwikkeld. Verdere en betere integratie van planningstoepassingen, evaluatiemogelijkheden en toegang tot leerinhouden zijn van belang bij de volgende generatie ELO's. Docenten die ruimte krijgen om met de ELO te experimenteren, scholen waar afspraken gemaakt worden over de inzet, docenten die scholing krijgen in didactische ELO-vaardigheden en deelnemen aan uitwisselingsessies laten een grotere didactische variatie zien in het gebruik van de ELO, aldus het rapport.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen