maandag 26 september 2011

Mediaopvoeding doet er toe

Kinderen aan wie wordt voorgelezen en die worden gestimuleerd tot lezen, doen het - ook op langere termijn - beter in het onderwijs. De onderwijsprestaties en het maximaal bereikbare onderwijsniveau van kinderen met ouders die veel tv kijken, zijn slechter dan die van vergelijkbare kinderen. Dat blijkt uit het onderzoek waarop sociologe Natascha Notten op 6 september 2011 promoveerde aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Overigens is tv-kijken niet altijd slecht voor kinderen: tv-programma’s kunnen natuurlijk leerzaam zijn en de taalvaardigheid bevorderen. Maar dat doen ze niet allemaal en Nottens data wijzen ook uit: “… hoewel één tv in het ouderlijk huis bijdraagt aan het schoolsucces van een kind, neemt dit positieve effect bij ieder additioneel tv-toestel af, om uiteindelijk te resulteren in een negatief effect. Wereldwijd lijkt de afwezigheid van een televisietoestel in het ouderlijk huis het wereldbeeld en de kennis van een kind te beperken.”


Notten deed onderzoek naar de verschillen in mediaopvoeding en keek met name naar de langetermijneffecten. Daarbij maakte ze gebruik van gegevens uit de Familie-enquête Nederlandse bevolking 1998, 2000, 2003 en 2009, en het Programme for International Student Assessment (PISA) 2006 voor internationale vergelijking. Juist in de moderne maatschappij zijn boeken – papier of digitaal – van het hoogste belang, stelt Notten vast. In samenlevingen met een hoog niveau van culturele en economische ontwikkeling blijkt  een literair thuisklimaat nog aan belang te winnen voor de onderwijsprestaties. Andersom wordt het negatieve effect van televisie in landen als Nederland juist groter met ieder extra toestel dat in huis aanwezig is. Dit geldt niet voor computers. Deze hebben altijd een positieve invloed op het schoolsucces, ongeacht het ontwikkelingsniveau van een land, aldus het persbericht.

Notten bekeek hoe de mediaopvoeding samenhangt met onderwijssucces: welk onderwijsniveau heeft een (inmiddels volwassen) kind bereikt en hoe presteert of presteerde het daar. Uiteraard zijn er allerlei andere factoren die van belang zijn voor onderwijssucces, zoals de opleiding van de ouders, het beroep van de ouders, de gezinssituatie enzovoort. Maar als je daarvoor corrigeert, blijkt mediaopvoeding een invloedrijke factor. Kinderen aan wie veel voorgelezen werd, deden het beter. Hoe veel beter of slechter? “Mediaopvoeding kan uiteindelijk het verschil uitmaken tussen of iemand kan starten op een hbo of op de universiteit.”
“Hoger opgeleide ouders begeleiden vaker het mediagebruik van hun kinderen, niet alleen omdat zij de capaciteiten hebben om dit te doen, ook omdat zij bepaalde (serieuze) media-inhoud en mediavoorkeuren waarderen en deze preferenties willen overdragen op hun eigen kinderen. Het tegengestelde proces vinden we voor lager opgeleide ouders; met name hun voorkeur voor populaire televisieprogramma’s resulteert in minder gunstige mediabegeleiding.” Mediaopvoeding doet er dus toe, al vanaf jonge leeftijd en voor de lange termijn.

“Inmiddels heeft de computer en met name internet een belangrijke positie ingenomen in het mediagebruik van zowel volwassenen als kinderen. Ook digitaal mediagebruik blijkt, evenals lezen en tv-kijken, sociaal gedifferentieerd. Daarnaast laten recente studies zien dat de strategieën die ouders toepassen bij het monitoren van het digitale mediagebruik van hun kinderen, veel lijken op de verschillende vormen van ouderlijke tv-begeleiding. Dit leidt tot de verwachting dat ouderlijke digitale mediasocialisatie, zowel wat voorbeeld als begeleiding betreft, significant zal verschillen tussen gezinnen.” Daarnaast blijven leesvaardigheden ook, of misschien wel juist, in het digitale tijdperk van cruciaal belang. Zowel voor de onderwijsprestaties als voor effectief internetgebruik zijn goede leesvaardigheden echter essentieel.


Dit onderzoek onderschrijft het belang van de diverse beleidsprogramma’s en initiatieven rondom ‘mediawijsheid’ in de huidige samenleving. Maar daarbij is het wel van belang aandacht te besteden aan het hele repertoire van mediavaardigheden, waarbij de ‘oude media’ een duidelijke plaats krijgen in het huidige digitale tijdperk, stelt Notten op pagina 140 van haar proefschrift. 
Scholen, neem je verantwoordelijkheid en geef mediawijsheid een plek in het curriculum. Geef het echter wel zo vorm dat in alle vakken gewerkt wordt vanuit een algemene leerlijn mediawijsheid. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen